25 augustus
2010
geschreven door Tangaroa

Na 39 uur en 10 minuten wachten is het dan eindelijk zover: we mogen van boord! Om 02u zondagnacht zijn we in een soort scheepskerkhof geankerd in Suva, Fiji, maar inklaren kan op zondag alleen bij de gratie van heel veel overtime charges. We wachten dus tot maandag en melden ons keurig via marifoonkanaal 16 om 8u aan voor clearance. Geen gehoor. De Suva Yacht Club gebeld. Geen gehoor. De andere twee boten die wachten op clearance overkomt hetzelfde: geen gehoor. En dat terwijl ze express de hele nacht op zee gedobberd hebben om niet te vroeg binnen te komen. Om een lang verhaal kort te maken: na een hele morgen beurtelings oproepen komt er eindelijk een reactie: ‘we zijn onderweg en zijn er over 30 minuten’. Vier uur later komen de drie mannen dan toch eindelijk aan boord. Eerst Health. Nee, geen ziektes aan boord. Papiertje 1 binnen. Dan Agriculture. Nee, geen vlees meer, fruit is op, en nog een paar aardappelen over. Papiertje 2 binnen. Customs: ‘het is nogal laat, kom morgenochtend maar naar mijn kantoor’. Niks stempel binnen. Maar we mogen eindelijk aan land! Met een uiterst pissige Carolien die zich opwindt over zoveel inefficiëntie varen we naar de kant en laten de meiden uitrazen in de speeltuin. Wat is dit waardeloos geregeld hier, het is nog erger dan Afrika.

Dag 2. Om 8u30 staan er drie kapiteins bij Customs. Volgens de regels heeft een ieder de Advance Notification ingevuld en ge-emaild maar veel vragen moeten weer opnieuw ingevuld worden. Het kleine kantoortje ligt bezaaid met groene dossiermappen van alle schepen (variërend van visser tot containerschip tot yachtie). Anderhalf uur laten zijn we klaar. Dan kriskras de stad door naar het Ministerie van Health om te betalen voor de Health Clearance. Vervolgens naar het Ministerie van Indigenous Affairs aan de andere kant van de stad voor een Cruising Permit. En dan weer terug naar Customs om alvast weer uit klaren naar de volgende Fijiaanse haven… Zoveel nutteloos papierwerk hebben we lang niet gezien. Suriname kon er ook wat van maar dit spant wel de kroon.

Onze mening draait echter 180 graden om als we eindelijk kennismaken met het stadsleven van Suva. Het bruist hier van activiteit, vooral door de Indiers die vooral in de commercie en het transport zitten. De bussen (zonder ramen) rijden af en aan, de muziek hard aan. Over de straat lopen kleurrijke saris, polynesische bloemenjurken en agenten in een korte rok. Lopend met de meisjes in onze fietskar horen we om de haverklap ‘Bula!’ en kijken weer een lachend gezicht aan. Het stikt hier van de eettentjes met heerlijke curries en chinees voedsel. Gisteren zelfs uit eten geweest bij de Japanner met een heuse chef die met veel hak- en vuurwerk onze dames wist te imponeren en voor ons de heerlijkste hapjes wist te toveren. “Wat een geest he jongens!” (Suze heeft nog wat moeite met de fffff) hebben de afgelopen twee dagen veel gehoord. Wat wil je ook met al die speeltuinen, ijsjes, en een heuse kermis Fijian Style. Het is deze week namelijk Hibiscus week, een lokaal festival, dat vooral wordt vormgegeven door allerlei, in onze ogen ouderwetse, kermisattracties gefabriceerd van ijzerdraad en oude automotoren.

Het is ook voor het eerst dat er weer een overdaad aan verse groenten en fruit en niet- ingevroren vlees te krijgen is. Voor het eerst sinds Maart dus weer een sinaasappel (zonder pitjes) als toetje! Verder halen we op de lokale markt een paar pakketten Kava, oftewel de lokale drugs. Maak je geen zorgen, niet voor onszelf, maar om aan te bieden (Sevusevu) aan het dorpshoofd van de verschillende eilandjes die we na morgen zullen aandoen. Dit is een hele belangrijke traditie in Fiji. In feite vraag je op die manier toestemming om de grond van het dorp te mogen betreden. Wij zullen zien of een beetje samen high worden er nog in zit…….

Reacties zijn gesloten.