23 mei
2010
geschreven door Tangaroa

Een uur na hoogwater bereiken we de atol Manihi. De ‘passe’ is goed bebakend met een rode en groene ton. Zonder noemenswaardige tegenstroom varen we het rif binnen. Eenmaal in de lagune is de bebakening minder duidelijk. De diepte neemt af tot 3.5m en de koraaleilanden komen ras dichterbij. Gelukkig loodst een van de lokale vissers ons via marifoonkanaal 16 binnen. Wanneer we de ondiepte over zijn wordt de route duidelijker en varen we langs het dorpje en vervolgens langs het koraalrif verder. Fleur en Caro zien vanaf de voorplecht een haai en een mantarog langszwemmen… De laatste 2 mijl worden we genavigeerd door een Amerikaanse mede-cruiser die hier al een week ligt. Hij had een ongelukje gehad met zijn ankerlier en mist daardoor het topje van een van zijn vingers. De lokale zusterpost heeft hem – gratis – behandeld en doet ook zijn dagelijkse verbandwissel. Uiteindelijk bereiken we de door koraalrif, zandstrand en palmbomen geflankeerde ankerplaats. Dit is mooi liggen zeg! Een uurtje later badderen we geheel zonder gene in onze private blue lagoon. Na 4 dagen zee leven de kids (en wij) daar weer helemaal van op, het is een genot om te zien…

‘s Middags gaan we in het dorpje op zoek naar diesel. We komen terug met verse baquette, verse groente en koude cola, maar diesel ho maar. Alles is opgegaan aan de cruisers die hier afgelopen week lagen. Er is nog wel een superdeluxe hotel – type bungalows op palen boven het koraalrif en het strand – aan de andere kant van de lagune. De alleraardigste directeur loopt met me mee naar de werkplaats en vult persoonlijk mijn jerrycan. Hij heeft wel wat met zeilers want tot een paar jaar geleden charterde hij nog op grote (90 foot!) zeilschoeners. Terwijl ik afreken bij de receptie laat hij me zijn fotoboek zien met zijn vorige, prachtige klassiek houten zeilschepen. Blij met onze (di)verse voorraad maken we de dag af met een barbeque op het achterdek. De vanmorgen gevangen tonijn wordt geserveerd met een sausje van teriyaki, wasabi, citroen, honing en geroosterde sesamzaadjes.

De volgende morgen varen we naar Ahe. We zijn er anderhalf uur na hoogwater maar de tegenstroom van 2.5 knoop is goed te doen met onze motor. De lagune van deze atol is goed bebakend en komt ook perfect overeen met MaxSea, ons navigatieprogramma. We ankeren vlak voor het koraalrif bij een dorpje. Er zijn geen andere cruisers te bekennen. Ieder bootje dat we tegenkomen – voornamelijk parelvissers – wuift ons vrolijk toe. In het dorpje komen de kinderen vragend op ons af. Toch maakt alles een wat gezapen indruk. Iedereen woont in dezelfde vierkante betonnen woning met golfplaten dak, voorzien van dezelfde zonnecellen en dezelfde accubehuizing. Er zijn twee betonnen straatjes en de rest is zandpad. In tegenstelling tot de Marquisen doet alles nogal onverzorgd aan. Vriendelijke mensen, dat weer wel. Met Suze maken we een lange snorkeltrip langs ‘ons’ koraal. Ze blijft goed met haar hoofd onder water en vindt alle vissen schitterend.

Na een openlucht filmavondje maken we de volgende dag een dinghytoer op zoek naar een mooi strandje voor de kids. Twee jonge parelvissers wijzen ons de weg. We moeten wel eerst een rif door en over. Knettergroene palmbomen, wit zand, turqouise water en een diepblauwe hemel met witte stapelwolken, schitterend. Er komt een inktvis langszwemmen, daarna een pijlstaartrog. Even later zien we een speedbootje vier toeristen uitladen. De plastic tuinstoelen en parasols worden in het water gezet, en vervolgens wordt zittend in het water de lunch geserveerd… Terug aan boord spoelen we ons af met de door de zon verwarmde dekdouche. We lunchen met tonijnsteak, baquette met blauwe kaas en gecarameliseerde banaan. Begeleid door een glaasje port, die we nog vonden in de voorraad. We doen de rest van de middag eigenlijk geen bal meer, drinken relaxed koffie en nemen de afgelopen 12 weken oceaanzeilen met elkaar door. Dit is het echt relaxte cruisersleven. Gelukkig voor Fleur hebben we het beste tot het laatst kunnen bewaren.

Reacties zijn gesloten.