14 maart
2010
geschreven door Tangaroa

We zijn erdoor: het Panama-kanaal. Het viel achteraf mee al hebben we hard ons best gedaan om de hele passage van wat meer spanning en sensatie te voorzien…

De administratieve rompslomp verloopt smooth, dankzij Mr Ellington, een 70-jarige taxichaffeur annex agent. In een on-bejaard hoog tempo wordt al het papierwerk in een paar uurtjes gepiept. “No Worries, I take care of everything Mam”  is zijn motto (voor de medezeilers: +50767298223). Naast onze cruising permit, immigratiestempel en meetbrief hebben we in een mum van tijd een gevulde gasfles, lange lijnen, autobanden als stootrand en veel, heel veel boodschappen.

Fleur, ons extra bemanningslid voor het traject Panama – Tahiti, valt met de neus in de boter en wordt gelijk aan het (kinder)werk gezet. Nog meer boodschappen, lijnen sjouwen, oppassen. Het is een prachtig welkom in ‘gastvrij’ Colon, tussen alle stomende tankers en containerschepen. Ze weert zich kranig. Ook Harmen-Ido wordt ingeschakeld in zijn spaarzame vakantie. Water tanken, boot poetsen, afwassen, oppassen, vissen.

Wanneer we daags na onze aanmelding gemeten worden begint de spanning. Caro en Fleur nemen nog snel een taxi naar Colon om te zorgen dat er voor 13u betaald is. Dat lukt. ’s Avonds om 18u kunnen we bellen voor ons time-slot voor de doorgang. Het wordt maandag, 4 dagen wachten. Sneller lukt volgens onze agent niet, want de loodsen (advisors) zijn massaal op vakantie. So be it. Wij gaan nog even relaxen bij Isla Abajo. Het is een ruig aan-de-winds tochtje erheen en jetlag Fleur laat zich volgens goed zeemansgebruik ontgroenen in het gangboord. Als het leed geleden is gaat het bier open en de barbeque aan. Dat hebben we wel verdiend na alle high speed logistieke hassle. Met een strand-, snorkel- en visdagje maken we de ontspanning compleet. De enige stress is onze 4e line-handler, Jan-Willem van de Kaat. Hij zit nog op de San Blas eilanden maar zet alles in het werk om op tijd te zijn (vliegtuig, bus, taxi…).

Op maandag de 8e is het zover: we mogen! Jan-Willem is op tijd en na een stroom-, water-, dieselfilter- en boodschap-top-up varen we naar de Flats ankerplaats, waar onze loods zal instappen. Geheel volgens afspraak melden we ons om 14u per VHF. Waar we toch bleven, want het schema is ineens versneld. Als we 7 knopen lopen, kunnen we het nog wel halen, zegt Fernando, onze (Jehova) advisor. Can do. Motor op 3200 toeren en een zwaar illegaal fokje bij, sjezen! Ruim op tijd liggen we keurig afgemeerd aan 4 lange lijnen (‘centre chamber’) in de 1e van de 3 Gatun Locks. Alles wel. Hoewel, alles? Wierd schrikt op van een low voltage warning op zijn accu, die ondanks een lopende motor nog verder leeg loopt. De motor gaat uit, maar helaas niet meer aan. Stress!! Start-accu leeg. Komt niet verder dan 8 volt. Tien slopende minuten later draait de motor weer, na het parallel schakelen van de start- en huishoud-accu. De hogere machten (lees: de lockmaster en consorten) hebben inmiddels besloten dat de Tangaroa achterwaarts de sluis uit moet. Zo gezegd, zo gedaan. Als we drie kwartier lang aangetoond hebben probleemloos te kunnen motoren mogen we het opnieuw proberen. Ditmaal bij een sleepboot langszij. Dit gaat foutloos, in alle drie de sluizen. En de motor en accu blijven lopen. Opgelucht en voldaan varen we de 2 mijl in het donker naar de mooring in Gatun Lake. Daar zetten we onze advisor na een snelle pastahap weer op zijn loodsbootje. De kids gaan naar bed. Onder een heldere sterrenhemel drinken we met de hele crew een stevige borrel.

Om half zeven stapt loods nummer 2 aan boord. Fransisco is minder gezegend met sociale vaardigheden. Hij vermaakt zich de eerste 4 uur prima met zijn krantje en onze kop koffie. We motoren rustig door een ondergelopen bomenlandschap van 20 meter diepte. Veel pelikanen en maar liefst 3 krokodillen! Om stipt 12u30 liggen we centre chamber afgemeerd in de 1e sluis. De 4 lange lijnen (40m) worden met een werplijn vanaf de wal binnengehaald. Als een van de werplijn-mannetjes naast de boot gooit, wordt hij door zijn collega’s genadeloos uitgelachen. Het gaat er dus zeer professioneel aan toe.

Na de derde sluis zijn we er: de Pacific! Het is een mooi moment, al ziet het er voor ons nuchtere noorderlingen natuurlijk ook gewoon uit als zee. We tuffen derhalve rustig door richting Isla Taboga voor een laatste dagje chillen voordat Harmen-Ido weer terug moet. Het ‘flower island’ is inderdaad muy tranquillo. De enige straat telt maar liefst drie restaurantjes, waarvan er 2 open zijn. Bier, ijs, vis en patatjes zijn er wel dus alles komt goed. Jan-Willem neemt de ferry en jeep terug naar de Kaat in de San Blas en Harmen-Ido krijgt nog een ochtendje strand, snorkelen en een laatste douche voordat hij in de taxi en het vliegtuig stapt.

Vanaf Flamengo anchorage vlakbij Panama City regelen we – na wat telefonische consultjes bij electro-Jimmy – een nieuwe startaccu. En passant gooien we de taxi weer eens vol met (inderdaad) boodschappen. Gisteravond deden we een tourtje en hapje in Casco Viejo, het oude Panama City. We zijn nu onderweg naar Las Perlas. Helaas zijn de (accu)spanningsloze momenten nog niet helemaal voorbij. Een gecorrodeerd contact op de alternator (dynamo) lijkt de boosdoener. Met contactspray en een nieuwe aansluiting maken we nu weer volop stroom. Afgezien van 13 volt accuspanning blijft wat ons betreft de spanning nu even achterwege. Op Suze’s 3e verjaardag na dan.

Reacties zijn gesloten.